Summertime in England

3 Jul 2016

In Kendal gingen we, net als Wordsworth en Coleridge, roken aan de oever van het meer, zoals Van Morisson zingt in Summertime in England. Boven de heuvels rond Windermere dreven onbekommerd wolken van statuur en ik – even onbekommerd – kuierde over de oude stenen brug in de richting van St Oswald, dat omringd door graven in het gras en een oude muur, uitnodigde tot bezinning. Door een smalle poort verliet een groep Aziaten de gewijde grond. Onder de purperen esdoorn sprak een man in hemelsblauw tenue mij aan. Hij keek bezorgd, wellicht gekweld en wees naar het voetpad waar in een van de tegels een tekst was gebeiteld. “Fill the paper with the breathings of your heart” las hij hardop.

 

 

Met die gedachte ging ik verder langs het pad en las en las de tegels met fragmenten van gedichten. De man in blauw ging mij voor en ik volgde op respectvolle afstand. Was hij een gids? Een geest? Bij een sarcofaag stond hij stil en wachtte. Op mij, dacht ik en naderde. Samen bestudeerden wij het monument met de verweerde tekst waarvan alleen het jaartal nog te lezen was: 1732. Schielijk bekeek ik de man in blauw en zag in zijn bleke gezicht appelrode wangetjes en vermoeide ogen. Ineens keek hij op en declameerde:

  “What though the radiance which was once so bright
  Be now for ever taken from my sight,
  Though nothing can bring back the hour
  Of splendor in the grass, of glory in the flower;

 

Onze grote dichter van het Lake District was een ongelukkig en somber mens, vertelde de man mij. Een romanticus tegen wil en dank. Hij vond zijn heil in de natuur en de eenzaamheid die hij met verve beschreef in een taal die iedereen begreep. “Lonely as a cloud”. Zo veel vrijer dan de strenge classicistische stroming die eraan voorafging. Een idealist die in Frankrijk de revolutie steunde totdat het in een bloedbad ontaarde. Hij verwekte er een kind, maar trouwde jaren later in Engeland met Mary. Dat wist ik niet en bedankte de man voor de informatie. Hij haalde zijn schouders op en liep de kerk in.

 

Luisterend naar de ademtochten van mijn hart probeerde ik romantische zinnen te formuleren die zouden kunnen wedijveren met de gebeitelde fragmenten in de tegels. Treur niet, maar vindt kracht in wat achterblijft. In de verte ruiste het water van de rivier en ik volgde ongewis het pad. Aan de overkant een terras, pal naast de stenen brug. Gedichten aan mijn voeten, maar niet in mijn hart, bedacht ik en toen zag ik hem liggen, naast zijn vrouw en zus en kinderen, the splendor in de grass, de dichter, en geen spoor van zijn narcissen.

 

 

 

Please reload

© Uitgeverij Terebint