The schooldays of Jesus / J.M. Coetzee

18 Nov 2016

J.M.Coetzee schrijft geen romans meer, dat is de conclusie van een recensent in een Engelse krant. Hij werkt alleen nog maar filosofische ideeën uit en etaleert die aan een kapstok van een minimalistisch allegorisch verhaal, dat ik toch met plezier gelezen heb. Alleen blijf je aan het eind met lege handen achter.

 

The schooldays of Jesus is het vervolg op The childhood of Jesus (wat ik niet gelezen heb) en speelt zich af in een onbestemd land waar Spaans gesproken wordt. Om onopgehelderde redenen vluchten Inéz en Simón met het kind dat ze onder hun hoede hebben genomen, Davíd, vanuit Novilla naar Estrella. De eigenzinnige, zonderlinge en intelligente Davíd is niet hun zoon en Inéz en Simón zijn ook niet met elkaar getrouwd. Ze zijn als het ware in elkaars schoot geworpen. Hoe en waarom is niet duidelijk.

De zesjarige Davíd is niet te handhaven op de reguliere school en ook een thuisleraar geeft de moed op. Dan belandt de jongen in de Academy of Dance waar het echtpaar Arroyo de leiding heeft. Ook weer een merkwaardig stel dat er onnavolgbare ideeën op na houdt. Kosmische getallen, sterren en de bijbehorende dansen. Dan vermoordt Dimitri, de conciërge van het naburige museum en bevriend met Davíd, Ana Magdalena Arroya en neemt het verhaal een andere wending.

 

Maar dat doet er niet toe. Het gaat bij meneer Coetzee om de hoogdravende allegorieën, het gedachtegoed van Socrates en Plato, de waarde van fictie, Don Quichotte en Sancho Panza. Daar staat Coetzee's boek bol van en het werd mij zwaar te moede. Ik voelde me gekleineerd bij zoveel filosofische inzichten die ik niet begreep. Waarom heeft Coetzee dit geschreven? Voor zichzelf, vermoed ik.

 

 

 

 

 

 

 

Please reload

© Uitgeverij Terebint